3 bloggers over hun voedselverspilling na de Foodbattle

Ageda, Katja, Lilla

Vorige week streden wij, Katja, Lilla en Ageda, tegen elkaar in de Foodbattle. Dit is een initiatief van de gemeente Groningen en Milieu Centraal. De bedoeling is om 7 dagen lang een dagboek bij te houden over hoeveel eten we verspillen. Voor de organisatoren is dit nuttige informatie, voor ons een mooie gelegenheid om stil te staan bij hoe veel wij aan voedsel verspillen.

Per jaar gooien we in Nederland 40 kilo goed voedsel weg. Behalve dat dit geld kost (namelijk zo’n 140 euro per persoon per jaar), is het ook nog eens verspilde energie en onnodig gebruik van grondstoffen. Als duurzame bloggers mogen wij ons best bewuste eters noemen en op de hoogte zijn van voedselverspilling. Hoewel we in vergelijking met het landelijk gemiddeld aardig goed hebben gescoord, eindigen we niet op 0. Tijd voor wat zelfreflectie. Waar zijn we tegen aan gelopen tijdens de Foodbattle?

Lilla: “Ik heb mijn medebloggers uitgenodigd om samen met mij mee te doen aan de foodbattle. We zijn allemaal goed op weg, maar het is nooit een slecht idee om weer kritisch te zijn. Bovendien worden deze cijfers door de gemeente Groningen en Milieu Centraal gebruikt voor statistieken en ik vind dat de milieubewuste burger ook vertegenwoordigd moet worden. Ik heb bewust gekozen voor de herfstvakantie, om het nog een grotere uitdaging te maken. Waar ik zelf slecht scoorde was er eigenlijk sprake van een ‘domme fout’. Ik kan altijd goed inschatten hoeveel eten er gekookt moet worden zonder dat er te vaak restjes in de koelkast belanden (vers eten vind ik nou eenmaal zelf het lekkerst), maar deze week schatte ik onze honger op een avond iets te hoog in. Als je de restjes dan ook nog eens op het aanrecht vergeet, is dat wel zonde geweest. Verder heb ik 3 kiwi’s moeten weggooien omdat ze in de koelkast tegen de achterwand aan kwamen te zitten en zo bevroren. Toch maar weer de koelkast een graadje warmer zetten! En wat ook nog meespeelde waren de kontjes van het brood. Die vinden we allemaal niet zo lekker thuis. Achteraf denk ik: we hadden het ook kunnen bewaren voor de eendjes, dan hadden we ook nog een leuk uitje, maar die week waren we druk druk. Om af te sluiten met een positief verhaal: ondanks dat we schillen niet hoefden mee te rekenen heb ik toch mijn best gedaan om zo min mogelijk in de groentecontainer te gooien. Ik heb chips gebakken van wortel en aardappelschillen. En lekker dat het was!”

Recept: chips van aardappel- en wortelschillen Gebruik de schil van zoveel aardappels en wortels als je maar benodigd bent voor een ander recept (bijvoorbeeld hutspot!). Doe dit bij voorkeur met de dunschiller zodat je mooie dunne plakken krijgt die lekker krokant worden in de oven. Verwarm de oven voor op 175 graden. Besprenkel de schillen met olijfolie en eventueel kruiden (ik gebruikte een beetje paprikapoeder en peper). Masseer dit goed door de schillen. Zet het op een bakplaat bekleed met bakpapier voor 15 minuten in de oven. Laat het even afkoelen en uitharden na de baktijd. Eet smakelijk!

Ageda: “Ik was er toch aardig van overtuigd dat ik geen eten weggooi. Maar de werkelijkheid vertelt me iets anders: ik verspil. Niet heel veel, maar toch. En vooral: onnodig. Die beschimmelde boterham bijvoorbeeld. Die hoeft niet wanneer ik bij aankoop het brood direct in de vriezer stop. Het is vakantie, en dochterlief is dan minder van het brood dan tijdens schoolweken. Dat weet ik. Toch liet ik het rustig in de broodbak liggen. Noem het luiheid. Zonde. Echt weggooien hoefde gelukkig niet, Bella en Disko, onze lieve kippetjes hebben er van gesmuld. En toen was er de knoflookmayonaise. Twee weken geleden gekocht voor een bijzonder recept. We aten er toen allemaal van. Dat is het fijne van knoflook: als je allemaal eet, ruikt niemand het. Maar de rest van de week was druk en moest er altijd wel iemand ’s avonds de deur uit. Die wilde geen knoflookmayonaise. En om het nu in m’n eentje te eten… dan praat niemand meer met me de rest van de avond. Dus nee, knoflookmayonaise in een grote bak is geen succes. De volgende keer voeg ik beter een teentje knoflook toe aan een schep mayo en eten we het in een keer op. Tot slot verspilde ik de havermelk. Ik wil graag plantaardige melk drinken, maar stiekem vind ik volle melk veel lekkerder in de koffie. Van elk hadden we een pak in huis. En liet ik de havermelk dus staan. Die kan dus ook ‘zuur’ worden. Ik stap voorlopig weer over op de volle melk. Die blijft nooit langer dan drie dagen in de koelkast.”

Katja: “Ik ben handig met restjes en zeker nu ik een bokashi-emmer ben begonnen (die fermenteert keuken-afval en overig voedsel tot compost) heb ik voor wat ik eventueel verspil nog een toevlucht. Toch heb ik tijdens de Foodbattle gemerkt dat er soms voedsel verloren gaat, omdat onze huishoudelijke organisatie en planning op bepaalde punten niet slim is. Voorbeeld: we koken soms net te veel rijst of pasta. Ik weet dat je daar van alles van kunt maken, maar de rommelige organisatie van onze koelkast maakt dat we bakjes met restjes over het hoofd zien. Ook merk ik dat er de neiging is om na het opscheppen van de borden een restje in de pan te laten zitten. Dat is een soort gewoonte: ‘dan kun je lekker nog wat opscheppen’, wat in de praktijk vaak niet gebeurt! Dat is iets geks: waarom niet gewoon alles opgeschept? Of minder gekookt? Nu vergeten we dat restje in de pan, doen we het in een bakje, en verdwijnt het in de koelkast… En vind ik dat te laat terug…. Ik ga een maatbeker aanschaffen voor rijst en pasta, de pan leegscheppen en… zoek tips voor een slimmere koelkastindeling. Die zijn dus welkom!”

 

Recycle Sint

Lilla

Het is nog erg vroeg.. Ik weet het! Maar voordat je het in de gaten hebt is het al zover: Sinterklaas! Nu ben ik ruim op tijd om je te kennis te laten maken met het ontzettend leuke en duurzame evenement van Recycle Sint: de Speelgoedruilmarkt!

Laten we eens eerlijk zijn. Onze kinderen hebben meer dan genoeg speelgoed en wat mij betreft is nieuw aanschaffen totaal onnodig. Er zit altijd wel iets bij wat achteraf toch niet zo’n succes of hit is gebleken als gedacht en daardoor ongebruikt op de bodem van de la belandt of nog erger: wordt weggegooid! Tijd om samen met de kinderen eens kritisch te kijken naar deze stukken speelgoed en een ander kindje er blij mee te maken voor Sinterklaas. En nou vooruit.. voor je eigen kind ook wat moois te scoren voor de Sint avond. 😉

De kracht van de Recycle Sint is dat het lokaal en kleinschalig is en overal kan worden georganiseerd. Je kunt dit evenement zelf in je eigen stad, dorp of kring organiseren en je hoeft het wiel niet opnieuw zelf uit te vinden. Er is een Toolkit beschikbaar waarin alles al aanwezig is wat je nodig zou kunnen hebben (de flyer, een actielijst voor de puntentelling, etc). Het enige wat jij nog hoeft te doen is een datum te prikken (op tijd voor Sinterklaas!), een ruimte te regelen en alle ouders uit te nodigen. Ben je niet zo van het organiseren en wil je liever eens kijken of er al een Speelgoedruilmarkt bij je in de buurt wordt georganiseerd? In deze lijst kun je zien waar een evenement wordt georganiseerd.

En hier zie je een filmpje waarin je kunt sfeerproeven. Veel ruilplezier!

Een oase dichtbij huis

Lilla

Het is ruim 25 graden en daarmee een zonnige zondag. Mijn zomerplan is om vaker de auto laten staan en op de fiets de omgeving van Hoogezand gaan ontdekken (hier wonen we nu tijdelijk). Vorige week heb ik een kinderstoel voor achter op de fiets geruild op de ruilhoek onder het mom van mezelf dwingen vaker op de fiets te stappen en het leek me een goed idee om nu een stuk met zoonlief te fietsen. Jamie riep in ieder geval enthousiast “fiess” en liet zich zonder tegenstribbeling in het fietsstoeltje vastzetten. Mijn insteek was om een ijsje te halen vlakbij het winkelcentrum maar toen ik deze vol ongeloof dicht aantrof, moest ik creatief zijn. Ik had zoonlief wel een ijsje beloofd..

Ik bedacht dat er vlakbij het park in Hoogezand een kinderboerderij zat en ik wilde erop gokken dat ze daar ijsjes verkochten. Ik nam de fietsroute daarnaartoe en ondertussen viel mij op hoeveel mensen met allerlei stranduitrusting een bewuste kant op fietsten. Ik trok de stoute schoenen aan en begon een stel dames te achtervolgen in de hoop naar een zwemgelegenheid te worden meegevoerd. Mijn ogen vielen ineens op het bord Kropswolde en de dames bleven maar doorfietsen. Ik twijfelde even of dit wel een goed idee was, maar de horde aan gelukkige mensen die we voorbij en tegemoet fietsten gaf me toch het vertrouwen dat het goed zou komen. En toen zag ik op een bord strand Meerwijck staan. Daar moesten we zijn! Ondertussen kwam ik uit op een camping (camping Meerwijck) waar we gezellig maar waarschijnlijk illegaal gebruik hebben gemaakt van de speeltuin. Er was een lente fair en de animatieteam was druk met de kinderen. Ik voelde me toch enigszins schuldig dat ik zomaar hun speeltuin crashde en besloot om ze tegemoet te komen door daar ijsjes en wat drinken aan te schaffen. Een grote straf was het niet in de hitte. 😉

Even later fietsten we verder (inmiddels zonder de dames) en gek genoeg kwam ik vrijwel direct bij het strand uit. Ik wil wel zeggen dat mijn richtingsgevoel ontzettend verbeterd is maar het lijkt me beter om eerlijk toe te geven dat er niet heel veel andere wegen waren dan de weg die ik nam. 😉 De uitkomst was dus vrij zeker. Een prachtige zandstrand, aangename watertemperatuur en verrassend genoeg rustige populatie troffen we aan. Ik waande mij echt even in het verre Frankrijk. Maar wie heeft een verre land nodig als we dichtbij huis een ware oase hebben?! Het was erg jammer dat ik niet wist dat we vandaag naar het strand gingen, want behalve mijn portemonnee, wat drinken en mijn sleutels had ik letterlijk niks bij me. Ook geen extra luier voor het geval dat mijn kind zou besluiten om in het water te gaan zitten. 😉 We konden dus niet heel lang blijven en zijn op tijd weer naar huis vertrokken maar we komen hier zeker terug! Op de terugweg genoten we van de rust, de natuur en de wind door onze haren. Jamie genoot iets te veel en viel zelfs in slaap, waarschijnlijk uitgeput van onze avontuur. Voor herhaling vatbaar!

Tarbot: een heerlijke vis uit de waddenzee

Lilla

Heb je wel gehoord van de Streekboer? Dat is een webwinkel waar je producten van boeren in jouw streek rechtstreeks bij de boer kan inkopen en naar een afhaalpunt kan laten komen. Een fantastisch initiatief waar ik graag gebruik van maak. Één keer per maand is het ook mogelijk om vis in te kunnen kopen van vissersbedrijf TS31 Internos gerund door duo Jan en Barbara Geertsema, ambachtelijke vissers op de Waddenzee.


Foto afkomstig van www.goedevissers.nl

Sinds 2006 is hun visserijbedrijf, de TS31 ‘Internos’ gecertificeerd volgens de duurzaamheidseisen van het streekmerk Waddengoud, goedgekeurd door Waddenvereniging en Vogelbescherming.
Daarnaast werken ze mee aan “Goede Vissers” waarvan het doel is om zorgvuldig gevangen vis (ook van hun collega’s) te verkopen via korte transparante ketens. Naast het vangen en verkopen van vis- schaal en schelpdieren zetten Jan en Barbara zich met hart en ziel in voor een gezonde zee als gemeenschappelijke bron van voedsel en welvaart. Ze werken aan beter contact tussen vissers en de rest van de maatschappij en zijn actief betrokken bij het Slow Fish netwerk van de internationale Slow Food beweging. “Als vissers zijn we afhankelijk van de natuur, en alles wat op het land gebeurt komt uiteindelijk in zee terecht. We zijn samen verantwoordelijk voor gezonde sloten, meren, rivieren en oceanen.”


Foto afkomstig van www.goedevissers.nl

Kortom: deze vissers hebben een goed verhaal (lees=duurzaam en lokaal) én verkopen zeer smakelijke vissen. Veel vissen waarvan ik de naam niet eens kende terwijl ze blijkbaar zo dicht bij ons zwemmen. Dus ik trok de stoute schoenen aan en bestelde een aantal voor mij onbekende soorten vissen. Één daarvan was de tarbot.

Tarbot is een ronde platvis die tot 1 meter groot en wel 30 jaar oud kan worden. Het leeft op stenige bodems en past zich aan de kleur van de bodem aan: meestal zandkleurig tot bruin met veel donkere vlekken en stippen. Deze vis komt met name voor onder de kust van Europa, van de Middellandse Zee tot IJsland en Noorwegen. De tarbot kan voor een groot nageslacht zorgen, want per jaar schiet een vrouwtjestarbot meer dan 10 miljoen eieren. De jonge tarbotjes groeien op in de zone langs de kust van Nederland.

Er is veel vraag naar tarbot en dan met name vanuit de horeca. Tarbot wordt ook wel als gewenste bijvangst gevangen bij de visserij op tong en schol. Naast de “wilde” tarbot wordt deze vis ook wel gekweekt in een aantal Europese landen.

De smaak van tarbot erg smakelijk, grof van structuur, stevig en wit van kleur. Vanwege de stevigheid kan deze vis op verschillende manieren worden bereid: gestoofd, gebakken of gegrild.

Ik heb vandaag ervoor gekozen om de vis te bakken in een koekenpan. Dat gaat heel simpel! Dep de (verse of ontdooide) tarbotfilet droog, breng op smaak met peper en zout en bak het in wat boter in een koekenpan (beide kanten 3 minuten op middelhoog vuur). Bij mij is de vis iets uit elkaar gevallen maar desondanks hebben mijn zoon (16 maanden) en ik er van gesmuld! Wat een heerlijke vis die zo dichtbij huis leeft. Echt een aanrader!

Hervulbare knijpzakje voor kids

Lilla

Mijn zoontje vindt het lekker om zo nu en dan een knijpzakje met fruit te eten. Een stuk fruit is zo gegeven maar bepaalde fruit knoeit te veel en is handiger in een knijpzak. Bovendien is hij er even lekker zoet mee en dat is soms onderweg wel even handig. Helaas zijn de wegwerp knijpzakjes die je in de winkel koopt niet zo gezond en zeker niet voetafdruk vriendelijk. Ik ging opzoek naar een alternatief.

Het is overduidelijk: vers fruit verdient de absolute voorkeur. Het is de gezondste optie niet alleen vanwege de voedingsstoffen maar ook omdat het kind leert kauwen. Tevens zorgen de kauwbewegingen voor belangrijke spijsverteringsstappen, iets wat je met knijpfruit, smoothies, juices, sap of ander vloeibare “voeding” dus niet hebt! Kies je voor biologisch fruit dan kun je in de meeste gevallen ook het schillen achterwege laten en bespaar je absoluut de meeste afval. Als je dan ook nog eens kiest voor lokaal en seizoensgebonden fruit, dan doe heb je het helemaal begrepen. Echter met een dreumes kan het eten (en zeker als je ze zelfstandig wil laten eten) nogal een knoeiboel worden. Knijpfruit kan een handige uitkomst zijn, bijvoorbeeld onderweg.

De meeste knijpfruit dat je in de winkel vindt is bewerkt. Vaak zie je bij de ingrediënten concentraten/sap van fruit, conserveringsmiddelen, suiker, natuurlijke aroma’s etc. Kant-en-klare knijpfruit bevat lang niet zoveel voedingsstoffen meer als fruit, gezien het feit dat het bewerkt en niet vers is. Bovendien komt er nogal wat afval van: de doos, de knijfruitzakjes en de doppen. Ik ging opzoek naar een manier om gezond, handig en voetafdruk vriendelijk samen te brengen.

Er zijn een aantal soorten hervulbare knijpfruitzakjes. Ik koos voor de Squeasy Gear knijpfles. Deze knijpfles heeft een brede opening aan de bovenkant, is super handig schoon te maken, vriezer bestendig en gaat heel lang mee. Het is gemaakt van silicone die geschikt is om voeding in te bewaren en is vrij van BPA-, PVC-, ftalate- en lood. Gister heb ik het voor het eerst mogen testen en het is goedgekeurd door mama en zoon. 🙂

 

Wasbaar versus wegwerp luiers

Lilla

Ik wist wel dat wasbaar luieren veel voordeliger is ten opzichte van wegwerp, maar hoeveel precies heb ik nooit uitgerekend. Tot vandaag! En met verbazing zit ik te kijken naar de cijfers.. Er valt dus nog heel wat aan afval te besparen! En het is nog voordelig voor de portemonnee ook!

Wegwerpluiers

Laat ik beginnen met de wegwerpluiers.
Voor het bestaan van de grijze container betalen wij in onze gemeente een vaste bedrag (€ 109,19). Daar bovenop betalen we voor elk kilo afval. Per kilo is dat € 0,28. In dit voorbeeld zal ik alleen de kosten per kilo pakken en niet het vaste bedrag want die ben ik hoe dan ook kwijt (ook al zouden we helemaal geen afval van wegwerpluiers hebben).

Bij ons weegt een volle luier rond de 300 gram. Ja, ik heb het serieus gewogen. 😉 Per dag gebruiken we ongeveer 7 luiers. Wow, dat is samen 2100 gram afval per dag. En dat betekent 767kg afval per jaar oftewel meer dan 3 grijze containers vol alleen aan luiers! Per dag betalen we voor dit gewicht € 0,59. Per twee dagen € 1,18.

We gebruiken Bambo Nature luiers maat 4. Ik koop deze in de voordeelverpakking waarin 60 stuks zitten voor € 16,99 van Greenjump. Over het algemeen koop ik in bulk in zodat ik niet nog extra verzendkosten heb. Per luier kost het € 0,28. Voor een dag waarop ik 6 luiers heb gebruikt is dat € 1,70. Per 2 dagen ben ik dus 12 luiers kwijt á € 3,40.

Omdat ik het wassen om de twee dagen doe, bereken ik de kosten van wegwerpluiers ook over twee dagen. Per twee dagen aan luieren ben ik kwijt:

€ 1,18 aan afvalkosten
€ 3,40 aan wegwerp luiers
Totaal kosten twee dagen aan wegwerp luieren € 4,58. Per jaar komt dat neer op € 835,85.

Wasbaar luiers

Voor het wassen van de hydrofiel doeken en oogjesluiers gebruik ik de bonte was 40 °C met extra functie ‘voorwas’ (om de meeste urine alvast weg te spoelen) en ‘intensief’. Deze programma duurt bijna 2 uur en gebruikt 0,5 kWh. Voor 2 uur is dat dan dus 1 kWh. Wij hebben een enkeltariefmeter dat € 0,23 per kWh kost. Daar zit het leveringstarief, energiebelasting, opslag duurzame energie en btw bij in. Voor het wasprogramma betaal ik dus € 0,23.

Dan het waterverbuik. De bonte was 40 °C met extra functie ‘intensief’ verbruikt 45 liter water. Dat is 0,045 m³ water. We betalen € 1,54 per 1 m³ en dat is inclusief belastingen en vastrecht. Een wasbeurt kost daarmee € 0,07.

Uiteraard hebben we ook waspoeder nodig. In Zuidhorn is de waterhardheid 9,0 °D. Dat betekent een gemiddelde waterhardheid. We gebruiken klok waspoeder, 1,215 kg kost € 4,69. Volgens het etiket van klok kun je de inhoud verdelen over 14x wassen bij een gemiddelde waterhardheid en erg bevuild wasgoed. Per wasbeurt kost de waspoeder € 0,34.

Ik gebruik wegwerp inlegvelletjes van pandababy om de ontlasting mee op te vangen. Een rol met 100 inleggers kost € 7,95. Per inlegvel kost het dus € 0,08. Per dag gebruik ik er 6 stuks en dat kost samen € 0,48. Per twee dagen is dat € 0,95. De velletjes wegen bijna niets, dus de afvalkosten laat ik hier buiten beschouwing. De ontlasting zelf gooi ik door de wc.

Daarnaast hebben we de eenmalige investeringskosten in de wasbare luiers. Dit kun je natuurlijk zo duur maken als je wil. Ik heb eigenlijk alleen in 4 overbroekjes van Pandababy (2 witte en 2 met printje) geïnvesteerd en dat heeft mij eenmalig € 40 gekost. Voor de rest gebruik ik alleen hydrofieldoeken, oogjesluiers en boosters die ik ofwel nog had liggen van toen wij klein waren of geruild heb met andere mama’s. Kortom dat heeft mij zeer weinig gekost. Voor de vorm zal ik de investeringskosten bij dit jaar optellen en dus ook in onderstaande opsomming. Ik heb de € 40 investeringkosten verdeeld over het aantal dagen van het jaar en dat komt neer op € 0,11. Voor twee dagen ben ik dus € 0,22 aan investeringskosten kwijt.

Per wasbeurt (om de twee dagen) ben ik dus kwijt:

€ 0,23 aan stroom kosten
€ 0,07 aan water kosten
€ 0,34 aan waspoeder kosten
€ 0,95 aan inlegvellen
€ 0,22 aan investeringskoten (overbroekjes)
Totaal kost een wasbeurt om de twee dagen dus € 1,81. Per jaar komt dat neer op € 330,33.

Samenvatting…

Met wegwerpluiers ben ik voor 2 dagen dus € 4,58 en voor een heel jaar € 835,85 kwijt.
Met wasbare luiers ben ik voor 2 dagen € 1,81 en voor een heel jaar € 330,33 kwijt.

Even money talk: dat is een besparing van 60% in kosten!

Het blijft altijd een afweging want ook voor het milieu is wasbaar luieren een belasting. Aan de ene kant heb je te maken met de continu productie en vervoer van wegwerpluiers en de verwerking hiervan in het afval. Aan de andere kant heb je ook de eenmalige productie van katoen hydrofielluiers en overbroekjes en het verbruik aan water en stroom. Toch kies ik liever voor het laatste omdat de hydrofielluiers en overbroekjes slechts 1x gemaakt hoeven te worden en daarmee voor lang ‘plezier’ zorgen. En de besparing in kosten is natuurlijk mooi meegenomen!

Energiezuinig koken

Lilla

Op de agenda van dit jaar staat een middelgrote verbouwing van ons huis. Één van de ruimtes die hierbij grondig op de schop zal gaan is de keuken. Gezien we uiteindelijk af willen van het gebruik van fossiele grondstoffen zoals gas, heb ik onderzocht welke andere mogelijkheden zijn er voor koken in de keuken. In een volgende post zal ik ook nog ingaan op alternatieven voor verwarming en warme water (waarbij vaak standaard gas als grondstof wordt gebruikt).

Maar eerst. Waarom wil ik van gas af? Aardgas is een fossiele brandstof dat bestaat uit methaan. Een brandstof dat steeds meer uitgeput raakt en daarnaast ook niet bepaald milieuvriendelijk is. Als inwoner van provincie Groningen maak ik van dichtbij mee wat de gaswinning in onze provincie voor schade en ellende veroorzaakt. Onze tegenbeweging is het kijken hoe we van het gas net af kunnen.

Vanwege de schaarsheid van gas wordt er de komende jaren een flinke prijs stijging van gas verwacht. Daarentegen wordt elektriciteit veel meer op een duurzame manier verkregen (denk aan windenergie, steeds efficiëntere zonnepanelen, etc) en is de verwachting dat de prijs van elektriciteit juist zal dalen. Een slim idee dus om alvast na te denken over switchen!

Oke, geen gas kookplaat meer dus voor in de keuken. Dan blijven er twee vormen over namelijk keramisch en inductie. Ik dacht eigenlijk dat dit twee benamingen waren voor hetzelfde maar nu weet ik dat dit twee verschillende dingen zijn. Een keramisch kookplaat wordt verwarmd door metalen spiralen welke door elektriciteit worden verwarmd. Als je de kookplaat aanzet zie je spiralen ook gloeien. Bij inductie wordt een andere techniek gebruikt en wordt niet de plaat maar de pan zelf verwarmd. De inductie kookplaat is dan ook “zo” weer afgekoeld.

Voor beide soorten moet een aparte elektriciteitsgroep aangelegd worden in de meterkast om veilig te kunnen koken en dient er in de keuken een Perilex-aansluiting te worden gemonteerd. Dat is een stekkersysteem waar apparaten met een hoog vermogen veilig op aangesloten kunnen worden. Veel dieper dan dit ga ik daar verder niet op in, want natuurkunde was nooit mijn lievelingsvak op school. 😉 Voor de leuk een plaatje hoe deze eruit ziet:

Tot zover had ik nog steeds geen idee wat beter was: keramisch of inductie? Ik vond een filmpje wat heel duidelijk het verschil laat zien tussen alle drie: gas, keramisch en inductie.

De belangrijkste voordelen van inductie ten opzichte van gas en keramisch zijn:

  • het heeft grootste rendement namelijk rond de 80-90%
  • is het snelst op de juiste temperatuur
  • zeer nauw temperatuurbeheersing mogelijk
  • de kookplaat koelt het snelst af
  • verbruikt het minste kW
  • hygiënisch en makkelijk schoon te makenEen puntje van aandacht is natuurlijk de pannen. Deze moeten geschikt zijn voor inductie. Gelukkig heeft manlief eerder in een prima pannenset geïnvesteerd die inderdaad óók op inductie gebruikt kunnen worden. Daarnaast zijn gietijzeren pannen ook geschikt voor inductie! Mooi want daar heb ik een paar van in huis.

Zijn we dan helemaal af van het gebruik van gas? Helaas niet. We hebben nog steeds een auto dat op fossiele brandstoffen rijdt en schaffen regelmatig producten (bijvoorbeeld voedingsmiddelen) aan die vervoerd en geproduceerd worden met behulp van fossiele brandstoffen. Het einde is nog niet in zicht, maar een eerste stap is wel gezet!

SpaceProject2017

Lilla

Het afgelopen half jaar hebben jullie weinig van mij vernomen. Ik moet dan ook eerlijk bekennen dat ik mij minder met duurzaamheid heb bezig gehouden dan mijn bedoeling was. 2017 is inmiddels al even gestart en ik ben er klaar voor om het bloggen opnieuw op te pakken. Geïnspireerd door medeblogger Ageda van de Voetspot (auteur van elkedaggroener) en blogger Debby (auteur van Bohemian Dreams) die ik vanwege haar inspirerende en pure blogs volg, heb ik per maand een aantal onderwerpen geselecteerd waar ik dan mee bezig wil. Ageda vroeg de lezers om een uitdaging voor elke maand. Debby stelde zelf een maandelijkse schema samen dat ze het #SpaceProject2017 noemt oftewel: een plan voor een bewuster en eenvoudiger leven creëren in een jaar tijd.

Ik wil graag meedoen en dus heb ik ook een jaarschema samengesteld om duurzamer, bewuster en eenvoudiger te leven. Volg je mijn avonturen?

  • Februari geen geld uitgeven, budget, goedkoop maar toch gezond inkopen
  • Maart maaltijdplanning, moestuinplanning, recepten, seizoenen
  • April zaaien, tuinieren, moestuin starten, naar buiten
  • Mei opvoeden, kind, duurzame uitjes, spelletjes maken
  • Juni minimaliseren op kleren, bzc, luieren, kleertjes maken
  • Juli oogsten, wecken, inmaken, kelder voorraad voor de winter, koken
  • Augustus reizen, ontspannen, vakantie, jubilea vieren
  • September schoonmaken, schoonmaakmiddelen maken, opruimen
  • Oktober minimaliseren op sociale media/tv, sporten, bewegen
  • November DIY gezelligheid in huis, koekjes/lekkers bakken, kelder voorraad gebruiken
  • December zelfgemaakte/lowbudget kadotjes, familie, feestdagen

Luieren

Lilla

Inmiddels is mijn zoon 5 maanden en hoewel ik oorspronkelijk graag wasbare luiers wilde gebruiken is dit er helaas nog niet van gekomen. Achteraf gezien was ik héél blij dat onze kraamverzorger het advies gaf om voor de zekerheid een pak luiers in huis te halen. Na een zware bevalling was ik allang blij dat de baby überhaupt een luier om had. Het voordeel van wegwerpluiers is dat het verschonen zo gebeurd is. Helaas door een lange herstelperiode en opstart problemen met onze zoon zijn we bij de wegwerp luiers gebleven. Uiteraard hebben we goed rondgekeken en kiezen we voor een luier die zo veel mogelijk milieuvriendelijk en “gezond” is. Voor ons zijn dit de Bambo luiers van Abena geworden (zie hieronder). Ik ben er zeer tevreden over want het is mooi dun en voelt altijd droog aan. We hebben zelden lekkages gehad en meestal was dat dan ook een teken dat hij toe was aan een maatje groter luier. Op dit moment zitten we in maat 4 en deze kosten €0,28 per stuk (ter vergelijking een luier van Pampers kost €0,33 en de goedkoopste luier van AH kost €0,14).

bayluiersbambooverzicht

Gezondheids- en milieuvoordelen van Bambo luiers van Abena op een rijtje:

  • Geen gebruik van PVC
  • Geen gebruik van optische witmakers
  • Geen toepassing van hydraterende lotions
  • Geen oliën
  • Geen geur neutralisators
  • Geen parfum
  • Cradle to cradle*
  • Maximaal gebruik van herbruikbare grondstoffen
  • Sterke limitering van de hoeveelheid afval tijdens het productieproces
  • Vrij van Ftalaten, Formaldehyde (HCHO), Chlorine (CI) of andere stoffen waarvan bekend is dat deze ongezond, schadelijk voor het milieu of allergeen zijn.
  • De absorberende kern bevat een hoog percentage zetmeel, dat van nature super absorberend en biologisch afbreekbaar is.
  • De houtpulp die gebruikt wordt, komt uit Scandinavische duurzame bossen. Dit zijn productiebossen; voor elke boom die gekapt wordt, worden drie nieuwe geplant.

Helaas zit bij ons de grijze container sneller vol door het gebruik van wegwerpluiers. Later hoorde ik dat de luiers van Attitude Eco mogelijk zelfs in de GFT-container kon, maar bij nader onderzoek kwam ik erachter dat dit toch niet zo is. Tenzij je in een gemeente woont waar nadrukkelijk door de afvalverwerker aangegeven is dat het wel kan, maar dat heeft dan te maken met de manier van afvalverwerking en níét omdat het GFT afval is. Hierdoor is deze misverstand ontstaan.

Mijn bedoeling is uiteindelijk wel om binnenkort te starten met wasbare luiers én met baby zindelijkheidscommunicatie. Ik zou het heel mooi vinden als Jamie vroeg zindelijk wordt en ik denk dat de combinatie van deze twee daar wel bij zal helpen.
Voor de wasbare luiers heb ik een advies gesprek aangevraagd om te kijken welke pasvorm het beste past bij onze zoon. We kunnen dan een aantal luiers huren voor een paar weken om uit te proberen voordat we een complete systeem zouden aanschaffen. Want laten we eerlijk wezen: het is een hele uitgave. En het kan ook nog zomaar zo zijn dat ik toch voor het oorspronkelijke idee (= hydrofiel luiers gebruiken) ga.
Daarnaast wil ik (als het weer wat warmer wordt) beginnen met baby zindelijkheidscommunicatie (ook wel afgekort tot BZC). De bedoeling van deze methode is niet om de baby te trainen, maar om de verbale en non-verbale signalen met betrekking tot plassen en poepen te herkennen. Deze methode spreekt mij aan omdat ik er in geloof dat baby’s degelijk voelen aankomen wanneer ze naar de wc moeten, maar door onze haastige levens hebben we geen tijd meer over om de signalen te herkennen en daar iets mee te doen.

Lees in een later blog hoe onze luier avonturen verlopen.

De kraambank

Lilla

Voordat ik was bevallen van onze zoon had ik via ruilhoeken, vrienden en familie een aardige collectie baby spullen bij elkaar verzameld. Eigenlijk te veel, wat resulteerde in een overvolle inbouwkast vol met babykleertjes en overige babyspulletjes. Ik wist ook nog niet zo goed wat bij mij paste qua artikelen waardoor ik van sommige dingen dubbel had. Bijvoorbeeld: ik had zowel een badje als een tummy tub. Pas toen ik het echt ging gebruiken bleek de tummy tub niet echt ons ding te zijn.

Toen ik mijn kraampakket ontving tijdens de zwangerschap kwam ik erachter dat wat overblijft van de kraampakket zeer welkom was bij Stichting Baby Hope. Dit is een stichting dat wil bijdragen aan het verminderen van moeder- en kindsterfte in ontwikkelingslanden door het inzamelen van ongebruikte materialen uit Nederlandse kraampakketten. Gezien ik liever niets weggooi en dit mij een mooi initiatief leek had ik dus al een doos staan met het restant van mijn kraampakket.

Ondanks dat ik het een zeer waardevol stichting vind, was ik toch nog blijer toen mijn verloskundige Sabrina Goossens een bericht op facebook plaatste over de opening van de kraambank in stad Groningen! De kraambank is een initiatief van Isis Kraamzorg en is bedoeld voor aanstaande moeders die zelf geen babyuitzet kunnen betalen. Hier kon ik naast mijn kraampakket ook babykleertjes en artikelen doneren. Een mooi lokaal initiatief waardoor mijn ecologische voetafdruk laag blijft.

Enthoussiast ging ik alle maten babykleertjes bij langs. Van de kleertjes die hem nu al te klein zijn heb ik slechts een paar favoriete stuks bewaard.. voor de herinnering (of als er ooit nog een tweede komt). De rest kon in de doos naar de kraambank.
Daarna keek ik naar de doos met maat 62 kleding.. Heb ik nou echt 40 rompertjes, 30 longsleeves en 15 broekjes nodig van maat 62? Nee, want ook van maat 56 gebruik ik eigenlijk maar een stuk of 6 kledingsetjes als favoriet, de rest komt helemaal niet aan de beurt maar neemt wel veel plaats in beslag. Dus heb ik van alle maten 15 kledingstuks uitgezocht die ik het leukste vond en dus ook echt zou gebruiken. De rest kon ook in de doos naar de kraambank.

En dan de spulletjes: plastic bewaarbakjes, speelgoed, knuffels, slabbetjes, schoenen, test luiers, etc. Veels te veel voor één kind. Dus ben ik weer aan het sorteren geslagen. Ook de tummy tub gaat mee naar de kraambank.

Afgelopen vrijdag heb ik de kraambank mogen aanvullen met deze spullen. Het voelt goed om lokaal andere moeders te steunen en ondertussen het huis te minimaliseren zonder dat mijn ecologische voetafdruk gevaar loopt! 🙂