Biologisch, duur en waar?

Jack

Voordat je er erg in hebt, ben je bedreven in het kopen van louter en alleen biologisch voedsel. Je weet wel, dat is voedsel wat onbespoten is. Tegenwoordig is het biologisch voedsel niet meer alleen besteed aan de kleine biologische winkeltjes aan rand van het centrum. Nu kun je ook biologisch voedsel halen bij de grootgrutter. Dat is vaak iets goedkoper, maar toch nog prijzig. Is dit dan beter? Of kun je net zo goed biologisch eten halen bij zo’n winkeltje? Twee vragen drijven nu bij mij op. Waar moet ik het halen en wat maakt nou dat dit biologische zo verschrikkelijk duur is!

Nu ik zo geïnteresseerd ben in het onbespoten voedsel, ben ik steeds mee nieuwsgierig naar de achtergrond. Veel eten haal ik uit mijn eigen moestuin, in de winter overigens wat minder. Ik weet welke bestrijdingsmiddelen ik daar gebruik. Nagenoeg niets. Ik maak wel eens gier van de rabarberblad om mijn gewassen te beschermen. En ik probeer ook gewassen zo te planten dat ze elkaar helpen. Aardappelen kun je prima in de buurt hebben van bonen. Echter tomaten moet je niet al te dichtbij planten. En een moestuin is erg arbeidsintensief.

Keurmerk Skal
Earth Matters (Juglen Zwaan) heeft onlangs een mooi artikel geschreven over waarom je biologische groenten bij de Albert Heijn links moet laten liggen. Samengevat, omdat ze boeren ‘uitknijpen’ (paar cent per kilo) en zelf een enorme winstmarge pakken. Ik kan me voorstellen dat aandeelhouders er anders armoedig bij zullen lopen……. Beter is het om de winst aan de kleine biologische groenteboer te gunnen.
In hetzelfde artikel las ik over Skal. Dit is een Nederlandse organisatie die in Nederland controleert of de producten echt biologisch zijn. Dit gebeurt redelijk onafhankelijk. Skal is een klein bedrijf met 26 medewerkers en ontvangt geen subsidie. Hoewel de geschiedenis van Skal niet geheel vlekkeloos is, hebben ze hun zaken de laatste jaren aardig op orde.

keurmerk skal

keurmerk skal

Getriggert door deze woorden heb ik de website van Skal eens doorgespit. Mijn conclusie voor een leek is dat ik vind dat wanneer je een teler bent voor wat voor product dan ook, en je wilt biologisch, dan mag je nog wel even aan de slag! Een paar dingen wil ik belichten:
Voorafgaand aan de teelt
Wanneer je wilt starten met een biologisch bedrijf, zal je bedrijf eerst aan een aantal voorwaarden moeten voldoen. Noemens/bewonderingswaardig is dat voorwaarden gelijk zijn aan een gecertificeerd bedrijf. Alleen de periode tot aan de certificering kan wel 3 jaar duren! Dit zorgt er natuurlijk voor dat je als bedrijf al een flinke investering moet doen eer je al kunt oogsten. Deze periode moet natuurlijk ook terugverdiend worden.
Jaarlijks vind er een inspectie plaats. Voor deze inspectie dient het bedrijf een behoorlijk wat documenten aanleveren. Een aantal voorbeelden: Overzicht aan/af voer van dierlijke mest; Kopie certificaat leveranciers; Aanlever bonnen en bewijs van samenstelling van aangekochte voerders. Je moet een hele administratie bijhouden!

Tijdens de teelt
Mogen er meststoffen worden gebruikt. Skal stelt dat 65 procent van de bemesting afkomstig moet zijn van biologisch gecertificeerde dieren. De overige 35 procent is niet biologisch. Dat wil niet zeggen dat je maar alles mag gebruiken. gelukkig staat er duidelijk omschreven waar de mest aan moet voldoen. Ik denk gelijk aan permacultuur. Wanneer je de regels ervan gebruiktfruitcirkelzou je in principe geen mest hoeven te gebruiken om je gewassen te voeden. Je zoekt planten waarvan de afvalstoffen een voedingsbron zijn voor je gewassen. Schimmels in de grond zorgen voor de transport. Voor teelt op grote schaal kan ik me voorstellen dat dit bijna niet te doen is: Machinaal oogsten is bij permacultuur niet haalbaar.

Gewasbescherming
Als ik dit hoofdstuk lees, ontkomen ook de bioboeren blijkbaar er niet aan om de gewassen te beschermen. Ergens ook wel logisch, denk ik, ik kan me voorstellen dat wanneer de boer zijn gewassen blootstelt aan allerlei ziektes, zijn bestaansrecht in gevaar komt. De lijst is overigens niet zo schrikbarend lang. De stoffen zijn van plantaardige of dierlijke oorsprong danwel ge├źxtraheerd uit planten/bloemen. Dus geen Carbendazim; Dichlofluanid; Ethirimol; Tolylfluanid; Monuron; DDT(!) Piperonyl butoxide en Dicofol

Mooi kleurtje!

Mooi kleurtje!

Schoonmaakmiddelen
Ook een mooi hoofdstukje, hier staat in welke schoonmaakmiddelen er gebruikt mogen worden om de verwerkingsmaterialen mee schoon te maken. Ik ben blij dat in dit lijstje producten staan die ik herken, en er dus geen scheikunde er voor heb moeten studeren. Geen chloor of andere rommel. Misschien waterstofperoxide. Alhoewel, als Geert Wilders het in zijn haar kan gebruiken om het te bleken, dan kan het wellicht geen schade veroorzaken voor je gezondheid (je geestestoestand, in het midden gelaten)

 

Conclusie

Mijn conclusie is dat het zwarte ECO keurmerk enom zinvol is. Wat ik van andere begrijp is dat dit keurmerk overigens strengere regels kent dan andere Europese instanties. De voorwaarden die op de website inzichtelijk zijn gemaakt zijn begrijpelijk en komen (bio)logisch over. Ik begrijp ook waarom producten iets duurder zijn dat (on)gewone bespoten voedingsmiddelen. De bioboer is aan een aantal regels gebonden en maatregels die nodig zijn om aan de certificering te kunnen voldoen kosten ook geld. Kijk ik naar het tarievenblad, overigens wederom zeer transparant, zie ik niet al te hoge tarieven staan. Echter als een inspecteur veel tijd nodig heeft, dan kan het bedrag voor een certificering, danwel voor het behoud van het certificaat wel oplopen. Een paar duizend euro ben je wel kwijt!

Tot slot best raar

Nog een ding: Ergens wel raar, dat je voor gezond voedsel best veel geld moet betalen. Dit zou eerder andersom moeten zijn. Ik noem maar wat; voor elk liter gifstof een enorme opslag of belastingheffing erover heen gooien!